Artikelstamgegevens: Algemeen gebied 
In het gebied Algemeen kunt u algemene informatie invoeren, zoeken en beheren die relevant is voor alle artikelsoorten.
In dit onderwerp worden velden en andere elementen in dit venster beschreven die uitleg behoeven of waarvoor meer informatie is vereist. Einde van SAP Note |
Om een barcode te selecteren, klikt u op Als u geen enkele barcode voor de voorraadhoeveelheidseenheid van dit artikel hebt gecreëerd, zult u geen enkele barcode zien in het venster Barcodelijst. Om barcodes voor het artikel te creëren klikt u aan de rechterkant van het veld op Als u een standaardbarcode voor de voorraadhoeveelheidseenheid definieert, wordt die code geactualiseerd naar het veld Barcode.
Als de hoeveelheidseenhedengroep Handmatig is, is er geen concept voor voorraadhoeveelheidseenheid. Bijgevolg is de barcode die in dit veld is weergegeven de standaardbarcode voor het specifieke artikel. Als u een standaardbarcode voor de afzonderlijke hoeveelheidseenheid “Handmatig” in het venster Barcodes definieert, wordt de standaardbarcode naar dit veld geactualiseerd. U kunt de standaardbarcode zowel via de selectielijst als via het venster Barcodes wijzigen. Einde van SAP Note
SAP Business One ondersteunt het internationale artikelnummer (EAN) 13-formaat en het code 39-formaat. Het is echter mogelijk om andere soorten barcodes af te drukken. Einde van SAP Note |
Geef de omschrijving van het artikel in een vreemde taal op. U kunt deze naam kopiëren naar documenten voor zakenpartners die andere talen gebruiken. |
Selecteer een van de volgende opties:
|
Deel de artikelen in groepen in. Wijs een artikel slechts aan één groep toe. Gebruik de artikelgroep later voor rapporten en evaluaties. |
Selecteer in de vervolgkeuzelijst een hoeveelheidseenhedengroep voor het artikel, of klik op Om de definitie van de hoeveelheidseenhedengroep weer te geven of de hoeveelheidseenhedengroep te actualiseren, klikt u op De hoeveelheidseenhedengroep staat standaard op Handmatig. Wanneer u een artikelgroep selecteert, wordt de hoeveelheidseenhedengroep automatisch geactualiseerd naar de standaard hoeveelheidseenhedengroep van die artikelgroep. Als u een hoeveelheidseenhedengroep selecteert die verschillend is van Handmatig, wordt de basishoeveelheidseenheid van deze hoeveelheidseenhedengroep automatisch ingesteld als de voorraadhoeveelheidseenheid, inkoophoeveelheidseenheid en verkoophoeveelheidseenheid.
Als u een transactie met dit artikel uitvoert, kunt u de bijbehorende hoeveelheidseenhedengroep niet meer wijzigen. Einde van SAP Note |
Selecteer een prijslijst om een prijs voor een artikel in die bepaalde prijslijst in te voeren. |
Voer de eenheidsprijs in na selectie van een van de volgende valutaopties voor de prijslijst:
Zie Prijslijsten voor meer informatie over de valutaopties.
De prijs die u in dit veld in een van bovenstaande valutaopties invoert, is de prijs voor de voorraadhoeveelheidseenheid van het artikel. Om prijzen in te stellen voor andere hoeveelheidseenheden van het artikel, selecteert u de drukknop met drie puntjes om het venster [Naam prijslijst] - hoeveelheidseenheidsprijzen weer te geven. De drukknop met drie puntjes is alleen geactiveerd voor artikelen met een hoeveelheidseenhedengroep verschillend van Handmatig. Einde van SAP Note |
Selecteer om aan te geven tot welke categorie het artikel behoort. Dit zijn standaardgegevens die op Artikelgroepniveau worden gedefinieerd en automatisch naar artikelen in die groep worden gekopieerd. Een voorraadartikel kunt u in voorraadbeheer gebruiken. Voorraadtransacties, zoals voorraadtransporten, kunt u bijvoorbeeld alleen uitvoeren voor voorraadartikelen. Een artikel dat u uitsluitend als voorraadartikel definieert, kunt u niet verkopen of inkopen.
Schakel het aankruisvakje bij Voorraadartikel uit als u een artikel wilt definiëren als niet-voorraadartikel. Services, elektriciteit of arbeidskosten zijn typische voorbeelden van niet-voorraadartikelen. De extra kosten die met dergelijke niet-voorraadartikelen zijn gemoeid, worden opgenomen in de productieorder. Voor niet-voorraadartikelen moet de standaardevaluatiemethode worden gebruikt en er moet een kostenrekening voor zijn (tenzij het een artikelgroep is). Als u een artikel definieert als niet-voorraadartikel, kunt u via Artikelstamgegevens: Tabblad Voorraadgegevens de standaardwaarderingsmethode en de artikelkosten voor dat artikel instellen. Als u vervolgens de brutowinst baseert op de artikelkosten, worden de basisprijzen voor niet-voorraadartikelen opgenomen in de berekening van de brutowinst. U kunt een voorraadartikel naar een niet-voorraadartikel wijzigen, of omgekeerd, mits:
Einde van SAP Note
Serie- of batchartikelen kunnen niet als niet-voorraadartikelen worden gedefinieerd. Einde van SAP Note Een Verkoopartikel wordt aan een klant verkocht. U kunt bijvoorbeeld een klantorder voor een klant creëren als u het artikel als verkoopartikel heeft gedefinieerd Services die niet worden ingekocht of op voorraad worden gehouden, behoren tot deze categorie. Een inkoopartikel wordt gekocht bij een leverancier. U kunt bijvoorbeeld een inkooporder creëren voor artikelen die u als inkoopartikel hebt gedefinieerd. Een artikel is standaard een combinatie van drie categorieën. Deze waarden wijzigen afhankelijk van de artikelsoort die u hebt geselecteerd. |
Selecteer deze optie om een artikel als vast actief te definiëren, dat wil zeggen een artikel dat u intern in uw bedrijf gebruikt. Zie Vaste activa voor meer informatie. |