Venster Betalingscondities - instellingen 
Met dit venster kunt u de betalingscondities voor transacties met klanten en leveranciers definiëren. De hier gedefinieerde betalingscondities worden automatisch voorgesteld wanneer u een stamrecord creëert. U kunt deze gegevens voor elke klant of leverancier wijzigen.
Selecteer om het venster te openen.
Als u een record wilt verwijderen, selecteert u deze en kiest u .
In dit onderwerp worden velden en andere elementen in dit venster beschreven die uitleg behoeven of waarvoor meer informatie is vereist. Einde van SAP Note |
Voer een code in voor deze betalingscondities. Deze code wordt weergegeven in de vervolgkeuzelijst van gedefinieerde betalingscondities. Gebruik daarom een gemakkelijk herkenbare code. |
Selecteer de valutadatum van de factuur waarop u de vervaldatum van de termijn wilt baseren:
|
Geef aan wanneer u de betaling wilt initiëren: Eind van de maand - laatste dag van de maand. Als u de vervaldatum op de boekingsdatum baseert en de boekingsdatum van de factuur 10 oktober is, is het einde van de maand 31 oktober. Midden van de maand - of de 15e of de laatste dag van de maand. Als de basisdatum vóór de 15e ligt, is de 15e het midden van de maand. Als dat niet het geval is, is de vervaldatum de laatste dag van de maand. Voor 13-10-2008 is de vervaldatum 15-10-2008 en voor 23-10-2008 is de vervaldatum 31-10-2008. Begin van de maand - eerste dag van de maand. Als u de vervaldatum op de boekingsdatum baseert en de boekingsdatum van de factuur 10 oktober is, wordt het begin van de maand ingesteld op 1 november. |
De vervaldatum van een termijn wordt gebaseerd op de datum van de order en de waarden die zijn opgegeven in de betalingscondities. U kunt een betalingsperiode opgeven voor de huidige maand of voor meerdere maanden in de toekomst, evenals voor een aantal dagen in de laatste maand van de periode. |
Voer het aantal dagen in dat moet worden afgetrokken van de berekende vervaldatum van de factuur. |
Hier wordt het aantal termijnen voor de huidige betaling weergegeven. |
Wanneer u een factuur creëert, kunt u direct de betalingsgegevens opgeven. In dit geval moet samen met de factuur een kwitantie worden gecreëerd, aangezien de factuur anders niet kan worden toegevoegd. Schakel dit veld in als u wilt dat het venster voor invoer van de betaalwijze wordt weergegeven wanneer er een factuur wordt gecreëerd. Het gegeven in dit veld bepaalt de standaardbetaalwijze. Als het venster voor invoer van de betaalwijze automatisch wordt geopend op basis van dit veld, moet de klant het volledige factuurbedrag betalen. Als u Nee selecteert, wordt het venster alleen automatisch geopend wanneer de functie Factuur met kwitantie wordt gebruikt. Voor een reguliere factuur kunt u het venster voor de betaalwijze handmatig openen. |
Definieer de korting die uw klanten ontvangen of uw leveranciers verstrekken in geval van vooruitbetaling. |
Geef de totale korting op die op basis van deze betalingsconditie aan een klant mag worden verstrekt. Dit percentage wordt naar de stamrecord van de klant gekopieerd wanneer u deze betalingsconditie selecteert. U kunt deze waarde zo nodig wijzigen. De waarde wordt uit de stamrecord naar de verkoopdocumenten gekopieerd. De totale korting wordt berekend op basis van het totaal van de prijzen voor alle artikelen die bij een transactie zijn verkocht. |
Geef hier het jaarlijkse rentepercentage op dat in rekening moet worden gebracht voor openstaande vorderingen op een klant aan wie deze betalingsconditie is toegewezen. Deze gegevens zijn alleen bedoeld ter informatie. |
Geef voor elke betalingsconditie een prijslijst op. Wanneer u een betalingsconditie selecteert, wordt deze informatie opgeslagen in de stamrecord van de desbetreffende klant of leverancier. U kunt handmatig een andere prijslijst opgeven. De prijslijst wordt vanuit de stamrecord van de klant/leverancier naar het inkoop- of verkoopdocument gekopieerd. De prijzen van de artikelen in de transactie worden overgenomen uit de prijslijst.
Het is raadzaam om de namen van de prijslijsten op te geven (in ) en deze hier toe te wijzen aan de betalingscondities. U kunt de prijzen van artikelen in de prijslijsten later definiëren. Einde van aanbeveling |
Met deze betalingscondities stelt u de maximale kredietlimiet voor een klant in. De conditie kan worden toegepast op uitstaande verkopen en openstaande facturen (kredietlimiet) of op het saldo van de klantrekening (obligolimiet). De waarden die u hier opgeeft, worden automatisch voorgesteld wanneer u een klantstamrecord creëert. U kunt deze waarden desgewenst overschrijven. |
In dit veld kunt u de kortingen definiëren die uw klanten ontvangen of uw leveranciers verstrekken in geval van vooruitbetaling. |