Venster Velden magazijnlocatie activeren 
In dit venster kunt u het volgende activeren:
Magazijnsubniveaus – de kleinere ruimte-eenheden in een magazijn. Stel dat het magazijn is verdeeld in twee vleugels. Elke vleugel heeft vijf secties en elke sectie bevat tien schappen waarop de goederen zijn opgeslagen. In dit geval zijn "vleugel", "sectie" en "schap" magazijnsubniveaus en is "schap" de kleinste ruimte-eenheid in het magazijn en tevens de feitelijke magazijnlocatie.
In SAP Business One kunt u maximaal 4 magazijnsubniveaus definiëren.
Magazijnlocatieattributen – de attributen die u voor de magazijnlocaties verzorgt. Voorbeelden zijn de lengte, breedte en hoogte van de magazijnlocaties of een aanduiding voor breekbare artikelen of bevroren goederen.
In SAP Business One kunt u maximaal 10 magazijnlocatieattributen definiëren.
Ga naar het hoofdmenu van SAP Business One en selecteer om dit venster te openen.
Het magazijnsubniveau dat vooraf in SAP Business One is gedefinieerd.
In SAP Business One kunt u maximaal 4 magazijnsubniveaus definiëren en activeren. Het is niet mogelijk om meer subniveaus toe te voegen. Einde van SAP Note |
Geef de naam van het magazijnsubniveau op. Als het magazijn bijvoorbeeld twee vleugels heeft en elke vleugel uit vijf secties bestaat, kunt u Vleugel als de naam van Magazijnsubniveau 1 invoeren en Sectie als de naam van Magazijnsubniveau 2.
In SAP Business One wordt de naam die u invoert, automatisch in hoofdletters omgezet. Einde van SAP Note |
Markeer dit aankruisvakje om het magazijnsubniveau te activeren. Als u een magazijnsubniveau activeert zonder de hogere niveaus ervan te activeren, worden de hogere niveaus automatisch door SAP Business One geactiveerd. |
Het attribuut van de magazijnlocatie dat vooraf in SAP Business One is gedefinieerd.
In SAP Business One kunt u maximaal 10 magazijnlocatieattributen definiëren en activeren. Het is niet mogelijk om meer attributen toe te voegen. Einde van SAP Note |
Geef de naam van het magazijnlocatieattribuut op. Als de magazijnlocaties in het magazijn bijvoorbeeld worden gebruikt voor de opslag van verf, wilt u mogelijk de temperatuur en luchtvochtigheid van de magazijnlocaties bijhouden. In dat geval kunt u Temperatuur en Luchtvochtigheid als de namen van de attributen invoeren.
In SAP Business One worden de namen die u invoert, automatisch in hoofdletters omgezet. Einde van SAP Note |
Markeer dit aankruisvakje om het attribuut van de magazijnlocatie te activeren. |