Venster Productieorder: algemeen gebied 
Gebruik dit venster om algemene informatie voor een nieuwe productieorder op te geven of om velden voor een productieorder die automatisch is gecreëerd vanuit MRP te actualiseren.
Selecteer om het venster Productieorder weer te geven.
In dit onderwerp worden velden en andere elementen in dit venster beschreven die uitleg behoeven of waarvoor meer informatie is vereist. Einde van SAP Note |
Selecteer een van de volgende Productieordertypen:
|
Selecteer een van de volgende productieorderstatussen:
|
Hier voert u het bovenliggende artikel in voor Standaardproductieorders en Demontageorders. Kies Tabblad om de bovenliggende lijst van de Stuklijst weer te geven. Selecteer Nieuw om een nieuwe Stuklijst te definiëren. Voor het type productieorder Speciaal selecteert u het artikel uit de artikellijst. |
Voor handmatige productieorders voert u hier de geplande hoeveelheid van het gerede product in. De standaardwaarde is 1. Wanneer de productieorder het resultaat is van de planningsrun, wordt de geplande hoeveelheid al in dit veld weergegeven. U kunt hoeveelheden voor de geplande en vrijgegeven productieorders echter actualiseren. |
Hier wordt de voorraadhoeveelheidseenheid (HE) van het product weergegeven. |
Hier wordt het magazijn weergegeven waarin het voltooide product wordt opgeslagen. |
Hier selecteert u het systeemobject dat de opeenvolgende genummerde Productieorders aangeeft. Het productienummer is een automatisch toegewezen volgnummer in het systeem. |
Datum waarop de Productieorder is gecreëerd. De huidige datum wordt standaard weergegeven. |
Voer de geplande voltooiingsdatum van de Productieorder in. U kunt deze datum wijzigen tot aan de datum waarop u de Productieorder sluit. |
Geef de medewerker op die verantwoordelijk is voor de productieorder. Deze medewerker moet in de applicatie als een bestaande gebruiker zijn gedefinieerd. |
Deze optie geeft aan hoe de Productieorder is gecreëerd:
|
Geeft het nummer weer van de klantorder die is gekoppeld aan de productieorder. U kunt de productieorder creëren met behulp van de wizard voor inkoopbevestiging of handmatig. Als er meerdere klantorders zijn gekoppeld aan de productieorder, selecteert u de pijl om de lijst met gekoppelde klantorders weer te geven. Als u een productieorder handmatig creëert, kunt u de productieorder aan een klantorder koppelen. U selecteert hiervoor de pijl en een klantorder in de lijst. |
Hier selecteert u de klantcode waaraan de Productieorder is gekoppeld. Bij het invoeren van het nummer van de Klantorder wordt het klantnummer automtaisch ingevoerd. |
Geef het project op dat u wilt koppelen aan de productieorder. Standaard wordt in het veld het project weergegeven dat is opgegeven in het bijbehorende venster Stuklijst. |
Kies een reeks in de vervolgkeuzelijst. De reeks wordt automatisch gegenereerd door het systeem.
Dit veld wordt alleen weergegeven voor documenten waaraan een reeks is toegewezen. Einde van SAP Note |
Een locatie voor het artikel opgeven:
Als u een locatie wijzigt, verschijnt er een waarschuwing over de binding. U kunt een locatie niet meer wijzigen nadat een relevant, definitief boekhoudingsdocument, zoals een ontvangen factuur, is gecreëerd. Einde van SAP Note |